Heb ik invloed op mijn Dharma? - Dharma (3/4)

Eerder hebben we het over de betekenis van Dharma gehad en de tien beginselen (dharmakelakshan) gehad. Dharma is zo veelomvattend en uitgebreid dat er in vele geschriften over geschreven is. Hier zullen we verder in gaan op Dharma vanuit de Bhagavad Gita en de Manusmriti, die meer strikte handvaten aanreikt met betrekking tot de praktische kant van Dharma.


चातुर्वर्ण्यं मया सृष्टं गुणकर्मविभागश: | तस्य कर्तारमपि मां विद्ध्यकर्तारमव्ययम् ||  catur-varnyam maya srstam guna-karma-vibhagasah tasya kartaram api mam viddhy akartaram avyayam "Volgens de drie hoedanigheden (gunas) van de materiële natuur en het werk dat eraan wordt toegeschreven, zijn de vier afdelingen (varnas) van de menselijke samenleving door mij gecreëerd. En hoewel ik de maker van dit systeem ben, zou je moeten weten dat ik nog steeds de niet-doener ben, onveranderlijk.” - Shri Krishna Bhagavad Gita 4.13

Gunas

De gunas zijn de drie hoedanigheden die zowel in de natuur als in de mens terugkomen: Sattva, Rajas, Tamas. 

  • Sattva: de universele hoedanigheid van harmonie, orde en structuur Bijbehorende toestanden zijn: vredig, empathie, kalmte, onbaatzuchtigheid, liefde, vrijheid, zelfbeheersing. 

  • Rajas: de universele hoedanigheid van actie, beweging en transformatie Bijbehorende toestanden zijn: boosheid, ongerustheid, egoïsme, stress, chaos, angst

  • Tamas: de universele hoedanigheid van geen actie, handhaving, status quo Bijbehorende toestanden zijn: luiheid, depressie, schaamte, schuld, verslaving, onwetendheid.

In het bewustzijn van de mens hebbende drie gunas hun rolen bepalen zij de aard er van. Wanneer sattva overheerst, dan is er welvarendheid en welbevinden, opbouw en zuiverheid van intentie. Als rajas overheerst, dan is er veel energie, vurigheid en transformatie. Indien tamas overheerst, is er status quo, stagnatie, en uiteindelijk intern verval, verrotting, corruptie, en lethargie. Ook het voedsel dat men eet, heeft invloed op de hoedanigheid (Bhagvad Gita hoofdstuk 17). Om gelukkig en gezond te zijn, is het belangrijk de hoedanigheid Sattva na te streven.

Hierbij hoort een bepaalde manier van leven die vanuit diverse geschriften in het hindoeïsme beschreven worden, zoals de Ayurveda en de Bhagavad Gita. Deze drie hoedanigheden bepalen in de mens het denken, het gedrag en de persoonlijkheid.


Varna

De drie hoedanigheden spelen een belangrijke rol bij de Varna. De Varna is een simpele sociale structuur gebaseerd op individuele acties en functies. Elke varna heeft een eigen levensweg en bijbehorende plichten en taken.  

  • Brahmanen, (geleerde functies (bijv. priesters en leraren) - bijbehorende gunas zijn vredig, onbaatzuchtig en zelfbeheersing (overheersend Sattva).

  • Kshattriya's (heersende en beschermende functies  (bijv. koningen, politici, politie en militairen) - bijbehorende gunas zijn verdedigen van gerechtheid (combinatie van Sattva en Rajas).

  • Vaishya's (handel/commerciële functies (bijv. handelaren) – bijbehorende gunas zijn voldoening aan primaire en materiële behoeften in de wereld (combinatie, maar overwegend Rajas) 

  • Shudra's (Fysiek ondersteunende functies (bijv. boeren en fabrieksmedewerkers) bijbehorende gunas zijn ondersteunen van de maatschappij (combinatie)


Hedendaags zijn er meningsverschillen over deze varnas, omdat deze verschillend worden geïnterpreteerd. Het kastenstelsel, zoals in India wordt gehanteerd, gebruikt deze varnas om een hiërarchische klassenverdeling te maken in de huidige maatschappij, met discriminatie tot gevolg. Dit is een voorbeeld van onjuiste interpretatie van deze teksten. Er zijn groeperingen die vinden dat de klassenverdeling in stand gehouden moet worden, waarbij je geboorte bepalend is voor tot welke Varna je behoort (janamvadhi). Er zijn groeperingen die vinden dat het niet van je geboorte afhangt, maar van je daden (karmavadhi). Anderen vinden deze verdeling naar klassen niet meer van toepassing op deze tijd en interpreteren dat iedereen alle varnas in zich draagt afhankelijk van je rol op een specifiek moment.


In de verzen uit de Manusmriti die de varnas behandelen, kaarten meerdere verzen aan dat ondanks men onder een bepaalde varnas geboren is, het handelen van het individu bepaald tot welke varna men gerekend moet worden (vers 10.65). Tevens willen we ook twee belangrijke kanttekeningen aan de Manusmriti plaatsen. De Manusmriti is een complex historisch geschrift dat dateert van 200 jaar v. Chr en heel direct geschreven is (als wetten) is, waardoor deze een-op-een vertaalslag niet toepasbaar is op de moderne huidige tijd. Ondanks dat het onder de heilige geschriften van het hindoeïsme valt, heeft het niet dezelfde status als de Veda’s, Purana’s en Itihasa.

De kern is dat aan elke functie een andere taak en gedrag is toebedeeld. Jouw natuurlijke aard en educatie zorgen ervoor dat jij jouw bijbehorende varna goed kan vervullen, zie het bijvoorbeeld als een beroep. Jouw geboorte bepaalt niet jouw varna, je moet namelijk ook beschikken over de essentiële vereisten om tot een bepaalde varna te behoren. Daarnaast is het belangrijk te realiseren dat elke varna even belangrijk is. Diverse voorbeelden kun je vinden in de verhalen van Shri Rama met Sabari mata of Shri Krishna in de Bhagavan Gita die ons laten zien dat varnas sociale (en niet hiërarchische) structuren brengen, omdat een ieder met dezelfde liefde en respect behandeld dient te worden.


Jouw devotie naar God is belangrijker dan jouw varna. Lees een stuk hierover in het artikel “Lessen van de Ramayana”. De varnas zijn een zeer abstracte indeling van functies en niet eens goed voor te stellen in onze hedendaagse moderne maatschappij. Onze voorkeur is daarom om de teksten over varnas in de Manusmriti niet té letterlijk te nemen, en vooral de focus te hebben op jouw innerlijke roeping. De kern is om de combinatie van de gunas en varnas te zien, passend bij jou, en daarmee jouw Dharma te vervullen.


In hoofdstuk 18 vers 42-44 van de Bhagavad Gita spreekt Shri Krishna ook over de intrisieke eigenschappen en gunas behorend bij deze vier varnas.


Asrama

Vervolgens heb je de verdeling in Asrama,  de vier levensfases waarin men zich bevindt:

  • De celibate leerling (brahmacarin) – De tijd van leren en het focussen op het vermeerderen van kennis.

  • Het gezinshoofd (grhastha) - Na het afronden van de studies, zet men de volgende stap naar het oprichten van een gezin gepaard met de taak om een actieve bijdrage aan de maatschappij te leveren.

  • De woudkluizenaar (vanaprastha) - De volgende levensfase kan gezien worden als pensioen, waar men de taak heeft om aandacht aan zijn/haar spirituele groei te besteden. Tegelijkertijd heeft men de taak om terug te geven aan de maatschappij, of het nu materiële, intellectuele of spirituele kennis of rijkdom is. 

  • De wereldverzaker (samnyasin) - In deze fase focust men zich volledig op meditatie en spirituele groei om verlossing te bereiken.


Door deze uiteenzetting van de levensfase (asrama) is ook inzichtelijk dat elke levensfase zijn eigen taken en verantwoordelijkheden heeft. Deze levensfases (asrama) worden beschreven als een gids voor het leven en dit is geen verplichte route die iedereen zou moeten bewandelen.


Svadharma

Als laatst maar niet minder belangrijk: Svadharma (sva = eigen). Dit is een ieders eigen Dharma. Dit komt vanuit een ieders eigen individu en bijbehorende rollen, roeping, ambitie en dergelijke. Deze innerlijke roeping brengt een eigen taak of plicht, die voor iedereen anders kan zijn. Elk individu heeft verschillende rollen en bekleed verschillende functies in dit aardse leven. Dit zorgt niet alleen voor plichtsbesef, maar ook een Dharma dat in contact staat met het denken, voelen en handelen van een individu. Daarom kan jouw Dharma net iets anders omvatten dan de Dharma van een ander.


Dit filmpje legt het bovenstaande nog eens rustig uit: 


Samenvattend is de Dharma van een individu afhankelijk van Gunas, Varnas, Ashram en een eigen Svadharma, waarin ook situatie specifieke onderdelen, zoals relaties en beroepen, mee. 

श्रेयान्स्वधर्मो विगुण: परधर्मात्स्वनुष्ठितात् | स्वभावनियतं कर्म कुर्वन्नाप्नोति किल्बिषम् || sreyan sva-dharmo vigunah para-dharmat sv-anusthitat svabhava-niyatam karma kurvan napnoti kilbisam “Het is beter om je eigen Dharma (Svadharma) te doen, ook al vervul je die onvolmaakt, dan om de Dharma van iemand anders op je te nemen en die volmaakt te vervullen. Dharma die is voorgeschreven op grond van iemands aard, leiden nooit tot zonden.“ - Shri Krishna (Bhagavad Gita 18:47)

Ga eens na bij jezelf: In welke levensfase zit ik nu? Heb ik plichten richting mijn gezin, familie, vrienden en hoe voer ik die uit? Wat is mijn taak in deze levensfase? Is dat studeren, werken, een gezin onderhouden, bijdragen aan de maatschappij en/of spirituele groei? Welke passie en roeping heb ik vanuit mijzelf om te vervullen? Hoe zorg ik ervoor dat ik mijn doelen ga behalen?

In het volgende artikel gaan we verder in op Dharma vanuit de Ramayana en Bhagavad Gita, met voorbeelden van Dharmsankat (ethische dilemma’s) en wat juist is.

141 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven

ARTIKELEN